donderdag 18 december 2014

Afwerking socio-demografische kenmerken + verantwoording

Woensdag zijn we samengekomen om de opmerkingen van onze proefpersonen te bespreken. Aan de hand hiervan hebben we de vragen overlopen en besloten wat er nog moest worden aangepast. De aanpassing van de vragen heeft Jolijn gedaan en ik heb de verantwoording geschreven.
Hier volgt dus onze definitieve versie die Elena zondag naar de docenten gaat doorsturen:

Wat is uw geboortejaar?       19... ...

Wat is uw geslacht?
o   Man
o   Vrouw

Welke vooropleiding heeft u gehad?
o   ASO
o   TSO
o   BSO
o   KSO
o   Andere: …

Het antwoordmogelijkheid ‘Andere: …’ is toegevoegd voor studenten uit het buitenland waar het onderwijs mogelijk anders gestructureerd is.

Welke studierichting volgt u momenteel?
o   Politieke wetenschappen
o   Sociologie
o   Communicatiewetenschappen
o   Geschiedenis
o   Ontwerpwetenschappen
o   Andere: …

In welk jaar zit u? (Indien u vakken heeft uit meerdere jaren, duidt u het laagste jaar aan)
o   1ste Bachelor
o   2de Bachelor
o   3de Bachelor
o   Master
o   Schakelprogramma

Hoeveel broers en/of zussen heeft u?
§  Broer(s): …
§  Zus(sen): …

Wat is het hoogste behaalde diploma van uw ouders/voogd?
§  Vader: …
§  Moeder: …
§  Voogd: …

Wat is de burgerlijke stand van uw ouders?
o   Getrouwd
o   Gescheiden (of in een echtscheidingsprocedure)
o   Samenwonend
o   Alleenstaand
o   Verweduwd
o   Andere: …

Het antwoordmogelijkheid ‘Nieuw samengesteld gezin’ is vervangen door ‘Andere: …’. Er is ook een discussie geweest om een onderscheid te maken tussen moeders en vaders, maar deze antwoordmogelijkheden leken volgens ons alles te omvatten. Degene waarvoor deze antwoordmogelijkheden toch onvoldoende zouden zijn, kan zijn situatie bij ‘Andere: …’ neerschrijven.

In welk(e) stad/dorp woont u? Geef tevens de postcode. (Indien je op kot zit, vermeld je beide)
§  Domiciliëring: …
§  Kot: …

Wat is uw huidige woonsituatie?
o   Alleenwonend
o   Inwonend bij ouders
o   Samenwonend met partner
o   Samenwonend met partner bij ouders

Het antwoordmogelijkheid ‘Kot’ is geschrapt, omdat we dit reeds in de vorige vraag te weten komen en kotstudenten zeiden dat ze in dit geval automatisch ‘Inwonend bij ouders’ zouden aanduiden.

In welk land bent u geboren?
…………………………………………………………….

In welk land zijn uw ouders geboren?
Vader:.............................
Moeder:..........................
Voogd:...........................

Oorspronkelijk namen we aan dat beide ouders in hetzelfde land geboren zouden zijn, maar dit was bij een aantal respondenten niet het geval. Daardoor hebben we een onderverdeling gemaakt tussen ‘Vader’, ‘Moeder’ en ‘Voogd’.

In wat voor school heeft u uw lager en secundair onderwijs gevolgd? (Zet een kruisje in het juiste vakje)

Lager onderwijs
Secundair onderwijs
Katholieke school


Jezuïetenschool


Gemeenschapsonderwijs (gemeentelijke/provinciale scholen)


Protestantse school


Joodse school


Steinerschool


Freinetschool


Montessorischool


Andere, namelijk



Wat is uw seksuele geaardheid?
o   Heteroseksueel
o   Biseksueel
o   Homoseksueel
o   Geen antwoord

1.      Hoe sterk is de band met uw ouders? Omcirkel het juiste antwoord.
Onbestaande
1

2

3

4
Zeer sterk
5

2.      Heeft u een gelovige opvoeding gehad? Omcirkel het juiste antwoord. (Met gelovig bedoelen we of geloof een centrale rol heeft gespeeld tijdens uw opvoeding)
Zeer gelovig

1


2


3


4
Totaal niet gelovig
5

Boven nummer drie stond ‘neutraal’, maar proefpersonen zeiden dat dit verwarrend was en beter werd geschrapt.

3.      Welke levensbeschouwelijke rituelen heeft u reeds ondergaan? (Meerdere antwoorden zijn mogelijk)
o   Doopsel
o   Communie
o   Plechtige communie
o   Lentefeest
o   Bar mitswa
o   Trouwen in een religieuze instelling
o   Geen enkel levensbeschouwelijk ritueel
o   Andere: …

‘Religieuze rituelen’ is vervangen door ‘levensbeschouwelijke rituelen’, omdat dit ruimer is. Verder is ‘Trouwen in een religieus huis’ vervangen door ‘Trouwen in een religieuze instelling’, omdat deze formulering ons gepaster leek.

4.      Naar welke partij gaat uw voorkeur uit? (Meerdere antwoorden zijn mogelijk)
o   N-VA
o   CD&V
o   Open Vld
o   Sp.a
o   Groen
o   Vlaams Belang
o   Union des Francophones
o   PVDA
o   Weet niet
o   Geen antwoord
o   Andere: …

‘Meerdere antwoorden zijn mogelijk’ is toegevoegd, omdat sommige proefpersonen de nood hiertoe voelden.

5.      Heeft u een partner?
o   Ja        (Hoelang heeft u al een relatie met hem/haar? ..................................)
o   Nee     (Ga naar vraag 8)

‘Ga naar vraag 8’ is toegevoegd om het verloop van de vragenlijst duidelijker te maken.

Zo ja, heeft uw partner een gelijkaardige levensbeschouwing als u?
o   Ja
o   Nee     (Welke levensbeschouwing heeft hij/zij? ...............................)
o   Weet niet
o   Geen antwoord

6.      Heeft u al conflicten gehad met uw partner in het kader van levensbeschouwing?
o   Ja, dit conflict ging over: ..................................................................................................
o   Nee, wij hebben hier geen conflicten over, omdat: ……………………………………..
o   Geen antwoord

De antwoordmogelijkheden ‘Nee, wij spreken hier niet over’, ‘Nee, wij hebben dezelfde mening omtrent levensbeschouwing’ en ‘Nee, andere reden namelijk …’ zijn samengevoegd tot ‘Nee, wij hebben hier geen conflict over, omdat: …’ om meer duidelijkheid en eenvoud te creëren.

7.      Verwacht u levensbeschouwelijke conflicten met uw partner in de toekomst?
o   Ja, ik verwacht dit omdat .................................................................................................
o   Nee
o   Weet niet
o   Geen antwoord

Het antwoordmogelijkheid ‘Ja, dit conflict zal gaan over…’ is vervangen door ‘Ja, ik verwacht dit omdat…’, omdat dit ons een betere formulering leek.

8.       Bent u van plan om ooit te trouwen (ookal heeft u momenteel geen partner)?
o   Ja
o   Nee
o   Reeds getrouwd
o   Weet niet
o   Geen antwoord

Het antwoordmogelijkheid ‘Reeds getrouwd’ is toegevoegd, omdat een proefpersoon hier nood aan had. Oorspronkelijk dachten we dat jongeren van onze leeftijd nog niet getrouwd zouden zijn, maar onze proefpersoon bewees ons ongelijk. Verder is ‘(ookal heeft u momenteel geen partner)’ toegevoegd om meer duidelijkheid tegenover de respondenten te creëren.

Zo ja, zou u willen trouwen/bent u getrouwd in een religieuze instelling? (Bijvoorbeeld in een kerk, moskee, synagoge...)
o   Ja, ik wil trouwen/ben getrouwd in (soort van religieuze instelling) ...................................................................., omdat ...................................................................................
o   Nee, ik wil niet trouwen/ben niet getrouwd in een religieuze instelling, omdat …...........................................................
o   Weet niet
o   Geen antwoord

‘Religieus huis’ is vervangen door ‘religieuze instelling’, omdat deze formulering ons duidelijker leek.



Algemene verantwoording socio-demografische kenmerken
Onze onderzoeksvraag is ‘Tradities als referentiekader bij jongeren tussen 20 en 35 jaar’. Hierdoor is het cruciaal de leeftijd van onze respondenten te weten. Het doel is namelijk tradities bij de digital-nativescohorte te onderzoeken. Een cohorte is een concept om een groep mensen te omschrijven die een tijdspecifieke gedeelde (culturele) invloed hebben doorgemaakt. De mensen die geboren werden met de opkomst van de digitale wereld en de geïndividualiseerde samenleving behoren tot de digital-nativescohorte. Dit wordt ook de Y-generatie genoemd. Ze bestaat vandaag uit 76 miljoen universiteitsstudenten en de mensen die er deel van uitmaken zijn behendiger in technologie en communicatie dan hun ouders.

Door het geslacht te bevragen kunnen we een onderscheid maken tussen tradities bij mannelijke en vrouwelijke studenten. Er is ook een samenhang tussen gender, religieuze tradities en socio-culturele contexten. Zo gaat het vak ‘Religion and Gender’ van dr. M.A.C. de Haardt aan de universiteit van Tilburg over de invloed van gender op de inhoud, vormgeving, symbolen en studie van religie.

Door de vooropleiding, studierichting en jaar te bevragen kunnen we het effect van opleiding op tradities nagaan. Met dezelfde reden vragen we ook naar het hoogst behaalde diploma van de vader en moeder. Deze vraag is geïnspireerd door de Nederlandse versie van de issp. Onderwijs en religie zijn twee belangrijke instituties in onze maatschappij. De studie van Hungerman toont aan dat één extra jaar opleiding leidt tot een vermindering van vier percentagepunten in de waarschijnlijkheid dat een individu zich identificeert met een religieuze traditie. Dit geeft volgens hem het bewijs van de secularisatie. Onze doelgroep voor de vragenlijst zijn de studenten die het vak ‘Levensbeschouwing en Samenleving’ van professor P. Loobuyck volgen. Deze studenten zijn afkomstig uit politieke wetenschappen, sociologie, communicatiewetenschappen, ontwerpwetenschappen en geschiedenis. Ten slotte zullen de meeste van deze studenten in de derde bachelor zitten.

Vervolgens willen we inzicht krijgen in de demografische achtergrond van de respondenten. Dit doen we door te vragen naar nationaliteit, woonplaats en huidige woonsituatie. Hierdoor kunnen we na afname van de vragenlijst een eventuele correlatie vinden tussen de demografische achtergrond en het levensbeschouwelijke profiel van de studenten.

Daarnaast zijn er vragen over de rol van levensbeschouwing in het gezin van de respondenten. Dit kan bijdragen tot informatie over hoe de respondenten hun huidig levensbeschouwelijk profiel ontwikkeld hebben. Hierbij sluiten de vragen over hun gezinssituatie aan. We hopen ook meer over de opvattingen van de respondenten te weten door hun voorkeurspartij te bevragen. Stemmen behoort namelijk tot de leefwereld van 21-jarigen. Er werd getwijfeld om ook het ziekenfonds te bevragen, maar dit vonden we onvoldoende aansluiten bij de leefwereld van 21-jarigen. De lengte van de vragenlijst moet echter ook beperkt blijven.

Ten slotte willen we het verleden, heden en toekomst van de respondenten weten. Voor het verleden vragen we welke levensbeschouwelijke rituelen de respondenten reeds ondergaan hebben, welke rol levensbeschouwing in hun opvoeding speelde en naar welk soort school de respondenten gingen. Het heden bevragen we via omgevingsfactoren, hun huidige partnerrelatie en mogelijke levensbeschouwelijke conflicten in die relatie. De toekomstverwachtingen van de respondenten bevragen we via hun verwachtingen in verband met trouwen.


Met uitzondering van vraag 7 die geïnspireerd is door de Vlaamse versie van de issp, zijn alle vragen van het onderdeel socio-demografische kenmerken zelf ontworpen. We hadden oorspronkelijk een vraag over hoe de respondent(e) confrontaties met levensbeschouwing ervaart, maar we vonden deze vraag te vaag. Om de lengte van de vragenlijst te beperken hebben we dan ook deze vraag geschrapt. Verder hebben we de vraag over welk soort student(e) de respondent(e) is verwijderd, omdat we denken dat deze informatie niet relevant zal zijn. We hebben de vraag over hoe partners met levensbeschouwelijke conflicten omgaan verwijderd, omdat deze ons ook irrelevant leek. Veranderingen na afname van de vragenlijst bij proefpersonen staan cursief onder de desbetreffende vraag. We hebben ook de nummering aangepast, omdat geslacht, geboortejaar etc. meer feitelijke in de plaats van inhoudelijke vragen zijn en dit een vertekend beeld geeft van de lengte van de vragenlijst. In functie hiervan hebben we de volgorde van de vragenlijst ook aangepast.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten