donderdag 13 november 2014

Socio-demografische kenmerken: vraag 6-9

Gisteren en vandaag heb ik vraag 6 tot 9 uitgewerkt om deze avond bij de bijeenkomst te laten zien en te bespreken met Jolijn. Het resultaat is het volgende:

Naam:                                                                                    Datum:


1. Leeftijd

2. Geslacht
o   Man
o   Vrouw

3. Vooropleiding
o   ASO
o   TSO
o   BSO
o   KSO
o   Andere

4. Studierichting
o   Politieke wetenschappen
o   Sociologie
o   Communicatiewetenschappen
o   Geschiedenis
o   Ontwerpwetenschappen

5. Loopbaan
o   1ste Bachelor
o   2de Bachelor
o   3de Bachelor
o   Master
o   Schakelprogramma

6. Afkomst

7. Woonplaats

8. Heb je een gelovige opvoeding gehad?
o   Ja, hierbij geven mijn ouders/verzorgers mij alle vrijheid
o   Ja, hierbij verwachten mijn ouders/verzorgers wel het één en ander van mij
o   Ja, hierbij zijn mijn ouders/verzorgers heel streng
o   Nee, hierbij vinden mijn ouders/verzorgers wel dat ik op de hoogte moet zijn van de godsdiensten in de wereld
o   Nee, mijn ouders/verzorgers hebben hier niets mee
o   Geen van bovenstaande antwoorden

9. Word je met religie in je omgeving geconfronteerd?
o   Ja, op een positief ervaren manier
o   Ja, op een neutraal ervaren manier
o   Ja, op een negatief ervaren manier
o   Nee


Onze onderzoeksvraag is ‘Tradities als referentiekader bij jongeren tussen 20 en 35 jaar’. Hierdoor is het cruciaal de leeftijd van onze respondenten te weten. Het doel is namelijk tradities bij de digital-nativescohorte te onderzoeken. Een cohorte is een concept om een groep mensen te omschrijven die een tijdspecifieke gedeelde (culturele) invloed hebben doorgemaakt. De mensen die geboren werden met de opkomst van de digitale wereld en de geïndividualiseerde samenleving behoren tot de digital-nativescohorte. Dit wordt ook de Y-generatie genoemd. Ze bestaat vandaag uit 76 miljoen universiteitsstudenten en de mensen die er deel van uitmaken zijn behendiger in technologie en communicatie dan hun ouders.

Door het geslacht te bevragen kunnen we een onderscheid maken tussen tradities bij mannelijke en vrouwelijke studenten. Er is ook een samenhang tussen gender, religieuze tradities en sociaal-culturele contexten. Zo gaat het vak ‘Religion and Gender’ van dr. M.A.C. de Haardt aan de universiteit van Tilburg over de wisselwerking tussen betekenissen van gender op de inhoud, vormgeving, symbolen van religieuze tradities en de invloed van gender op de studie van religie.

Door de vooropleiding, studierichting en loopbaan te bevragen kunnen we het effect van opleiding op tradities nagaan. Onderwijs en religie zijn namelijk twee dominante instituties in onze maatschappij. De studie van Hungerman toont aan dat één extra jaar opleiding leidt tot een vermindering van vier percentagepunten in de waarschijnlijkheid dat een individu zich identificeert met een religieuze traditie. Dit geeft volgens hem het bewijs van de secularisatie. Onze doelgroep voor de vragenlijst zijn de studenten die het vak ‘Levensbeschouwing en Samenleving’ van professor P. Loobuyck volgen. Deze studenten zijn afkomstig uit PSW, Ontwerpwetenschappen en Geschiedenis. Ten slotte zullen de meeste van deze studenten in de derde Bachelor zitten.

We kunnen de omgevingsinvloeden controleren door te vragen naar afkomst, woonplaats, opvoeding en confrontaties met religie in de omgeving. De inspiratie voor de vraag over opvoeding is afkomstig van de website https://www.surveymonkey.com/s/MMQWPWG.


Geen opmerkingen:

Een reactie posten