zondag 30 november 2014

Vernieuwde versie socio-demografische kenmerken

Tijdens de bijeenkomst hebben we duidelijke werkpunten voor socio-demografische kenmerken meegekregen. Elk groepje gaat tegen donderdag hun duidelijke werkpunten verbeteren, zodat ik donderdag de vragenlijst in de filosofieklas van de docent kan afnemen. Dan hebben we ook al meer feedback over welke vragen relevant zijn en dewelke niet. Ik zal de studenten ook vragen een evaluatieformulier in te vullen. De voornaamste feedback was dat de vragenlijst te lang is. We kunnen ons beter meer focussen op één onderdeel en de socio-demografische variabelen verder uitwerken. Met dit uitwerken van de socio-demografische variabelen zijn ik en Jolijn goed bezig geweest. We hebben dit weekend al goed doorgewerkt en hebben nu een vernieuwde versie. We hebben voornamelijk de partnerstatus, ziekenfonds, soort school, religieuze rituelen, soort student(e), seksuele geaardheid, kinderwens en trouwwens bijgevoegd.

Naam:  …………………………                                 Datum: ……./………/………


1. Wat is uw geboortejaar?      19... ...

2. Bent u een man of een vrouw?
o   Man
o   Vrouw

3. Welke vooropleiding heeft u gehad?
o   ASO
o   TSO
o   BSO
o   KSO

4. In welke studierichting zit u?
o   Politieke wetenschappen
o   Sociologie
o   Communicatiewetenschappen
o   Geschiedenis
o   Ontwerpwetenschappen
o   Andere, namelijk …………………………

5. In welk jaar zit u?
o   1ste Bachelor
o   2de Bachelor
o   3de Bachelor
o   Master
o   Schakelprogramma

6. Hoeveel broers en/of zussen heeft u?
o   Broer(s): .............................
o   Zus(sen): .............................

7. Wat is het hoogst behaalde diploma van uw vader en moeder?
Vader: …………………………
Moeder: …………………………

8. Wat is de burgerlijke stand van uw ouders?
o   Getrouwd
o   Gescheiden (of in een echtscheidingsprocedure)
o   Samenwonend
o   Alleenstaand
o   Verweduwd
o   Nieuw samengesteld gezin

9. Hoe sterk is de band met uw ouders?
Onbestaande
1

2

3

4
Zeer sterk
5

10. In welk land zijn uw ouders geboren?
Vader: …………………………
Moeder: …………………………

11. In welk land bent u geboren? …………………………

12. In welke stad/dorp woont u (inclusief postcode)? (Indien u op kot zit noteert u de stad/dorp van domiciliëring, alsook van het kot.) …………………………

13. Wat is uw huidige woonsituatie?
o   Kot
o   Alleenwonend
o   Inwonend bij ouders
o   Samenwonend met partner

14. Heeft u een gelovige opvoeding gehad? (Met gelovig bedoelen we of geloof een centrale rol heeft gespeeld tijdens uw opvoeding.)
Zeer gelovig

1


2
neutraal

3


4
Totaal niet gelovig
5

15. In wat voor school heeft u uw lager en secundair onderwijs gevolgd?

Lager onderwijs
Secundair onderwijs
Katholieke school


Jezuïetenschool


Gemeenschapsonderwijs (gemeentelijke/provinciale scholen)


Protestantse school


Joodse school


Steinerschool


Freinetschool


Montessorischool


Andere, namelijk



16. Welke religieuze rituelen heeft u reeds ondergaan? (Meerdere antwoorden zijn mogelijk.)
o   Doopsel
o   Communie
o   Plechtige communie
o   Lentefeest
o   Bar mitswa
o   Trouwen in een religieus huis
o   Geen enkel religieus ritueel
o   Andere, namelijk ..................................

17. Wat voor soort student(e) bent u?
o   Jobstudent(e)
o   Werkstudent(e)
o   Full-time student(e)

18. Wordt u regelmatig met religie in uw omgeving geconfronteerd?
o   Ja
o   Nee
Zo ja, hoe ervaart u deze confrontatie?
o   Ik ervaar het als iets positief
o   Ik ervaar het op een neutrale manier
o   Ik ervaar het als iets negatief

19. Naar welke partij gaat uw voorkeur uit?
o   N-VA
o   CD&V
o   Open Vld
o   sp.a
o   Groen
o   Vlaams Belang
o   Union des Francophones
o   PVDA
o   Geen antwoord
o   Andere, namelijk …………………………

20. Bij welk ziekenfonds bent u aangesloten?
o   Christelijke mutualiteiten
o   Socialistische mutualiteiten
o   Liberale mutualiteiten
o   Onafhankelijke Ziekenfondsen
o   Neutrale Ziekenfondsen

21. Waarom bent u bij dit ziekenfonds aangesloten?
o   Waarden van het ziekenfonds
o   Dienstenaanbod
o   Gewoonte
o   Andere, namelijk ………………………… 

22. Wat is uw seksuele geaardheid?
o   Heteroseksueel
o   Homoseksueel
o   Biseksueel

23. Heeft u een partner?
o   Ja        (Hoelang heeft u al een relatie met hem/haar? ..................................)
o   Nee
Zo ja, heeft uw partner dezelfde levensbeschouwing als u?
o   Ja
o   Nee     (Welke levensbeschouwing heeft hij/zij? ...............................)
o   Ik weet het niet

24. Indien u een partner heeft, heeft u al conflicten gehad met hem/haar in het kader van levenbeschouwing?
o   Ja, dit conflict ging over ..................................................................................................
o   Nee, wij spreken hier niet over
o   Nee, wij hebben dezelfde mening over onderwerpen omtrent levensbeschouwing
Zo ja, hoe gaan jullie met deze conflicten om? ....................................................................
Zo nee, verwacht u conflicten in de toekomst?
o   Ja, dit conflict zal gaan over ....................................................................
o   Nee

25. Wilt u later kinderen?
o   Ja
o   Nee
o   Ik weet het niet

26. Zou u later willen trouwen in een religieus huis? (Bijvoorbeeld in een kerk, moskee, synagoge...)
o   Ja, ik wil trouwen in (soort van religieus huis) ...................................................................., omdat ...................................................................................
o   Nee, ik wil niet trouwen in een religieus huis, omdat …...........................................................
o   Ik weet het niet




Onze onderzoeksvraag is ‘Tradities als referentiekader bij jongeren tussen 20 en 35 jaar’. Hierdoor is het cruciaal de leeftijd van onze respondenten te weten. Het doel is namelijk tradities bij de digital-nativescohorte te onderzoeken. Een cohorte is een concept om een groep mensen te omschrijven die een tijdspecifieke gedeelde (culturele) invloed hebben doorgemaakt. De mensen die geboren werden met de opkomst van de digitale wereld en de geïndividualiseerde samenleving behoren tot de digital-nativescohorte. Dit wordt ook de Y-generatie genoemd. Ze bestaat vandaag uit 76 miljoen universiteitsstudenten en de mensen die er deel van uitmaken zijn behendiger in technologie en communicatie dan hun ouders.

Door het geslacht te bevragen kunnen we een onderscheid maken tussen tradities bij mannelijke en vrouwelijke studenten. Er is ook een samenhang tussen gender, religieuze tradities en sociaal-culturele contexten. Zo gaat het vak ‘Religion and Gender’ van dr. M.A.C. de Haardt aan de universiteit van Tilburg over de invloed van gender op de inhoud, vormgeving, symbolen en studie van religie.

Door de vooropleiding, studierichting en jaar te bevragen kunnen we het effect van opleiding op tradities nagaan. Met diezelfde reden vragen we ook naar het hoogst behaalde diploma van de vader en moeder. Deze vraag is geïnspireerd door de Nederlandse versie van de issp. Onderwijs en religie zijn twee belangrijke instituties in onze maatschappij. De studie van Hungerman toont aan dat één extra jaar opleiding leidt tot een vermindering van vier percentagepunten in de waarschijnlijkheid dat een individu zich identificeert met een religieuze traditie. Dit geeft volgens hem het bewijs van de secularisatie. Onze doelgroep voor de vragenlijst zijn de studenten die het vak ‘Levensbeschouwing en Samenleving’ van professor P. Loobuyck volgen. Deze studenten zijn afkomstig uit PSW, Ontwerpwetenschappen en Geschiedenis. Ten slotte zullen de meeste van deze studenten in de derde bachelor zitten.

Vervolgens willen we inzicht krijgen in de demografische achtergrond van de respondenten. Dit doen we door te vragen naar nationaliteit, woonplaats en huidige woonsituatie. Hierdoor kunnen we na afname van de vragenlijst een eventuele correlatie vinden tussen de demografische achtergrond en het religieus profiel van de studenten.

Daarnaast zijn er vragen over de rol van religie in het gezin van de respondenten. Dit kan bijdragen tot informatie over hoe de respondenten hun huidig religieus profiel ontwikkeld hebben. Hierbij sluiten de vragen over hun gezinssituatie aan. We hopen ook meer over de opvattingen van de respondenten te weten door hun voorkeurspartij en ziekenfonds te bevragen.


Ten slotte willen we het verleden, heden en toekomst van de respondenten weten. Voor het verleden vragen we welke religieuze rituelen de respondenten reeds ondergaan hebben, welke rol geloof in hun opvoeding speelde en naar welk soort school de respondenten gingen. Het heden bevragen we via hun omgeving, welk soort student(e) de respondent is, hun huidige relatie en mogelijke levensbeschouwelijke conflicten in hun relatie. De toekomstverwachtingen van de respondent bevragen we via hun verwachtingen in verband met trouwen en kinderen hebben.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten