De eerste tekst voor het leeronderzoek is 'Gedoemd tot inter- en
intralevensbeschouwelijk divers samenleven' van Wim Vandewiele.
Het kan interessant zijn om vragen te stellen over de individuele beleving van de band tussen het personalisme en het godsbegrip. Hierdoor kan men ontdekken of deze band wel voor iedereen noodzakelijk is in de beleving van het personalisme.
Het kan interessant zijn om vragen te stellen over de individuele beleving van de band tussen het personalisme en het godsbegrip. Hierdoor kan men ontdekken of deze band wel voor iedereen noodzakelijk is in de beleving van het personalisme.
De stroefheid in de Vlaamse
levensbeschouwelijke dialoog merk ik ook in mijn eigen leven. In mijn eigen
omgeving zie ik dat er weinig ruimte is om hierover te praten. Met mijn ouders
draait zo'n gesprek bijvoorbeeld altijd uit op een hevige discussie. Dit kan interessant
zijn om in de vragenlijst te verwerken. Ervaren de respondenten ruimte om over levensbeschouwing te praten?
Begrippen
1. Personalisme = een stroming in de
filosofie die de "persoon" als hoogste vorm van "zijn"
beschouwt.
2. Cohorte = een sociologisch hulpmiddel
om een groep mensen te omschrijven die een tijdspecifieke gedeelde (culturele)
invloed hebben doorgemaakt. Dit heeft een grotere rekbaarheid dan 'generatie'
om culturele invloeden te beschrijven. Cohorte houdt rekening met de
socio-demografische verschillen tussen mensen (gezin, scholing, sekse,...). Het is een blauwdruk.
3. Massakerkcohorte = de culturele
blauwdruk die mensen binnen de cohorte onbewust meekrijgen door hun geboorte,
opvoeding en gewoontes met een sterk normatief karakter (rituelen, religieuze
jaarkalender, symboliek en godsbegrip). Dit hangt samen met de verzuiling die zorgde voor een homogene samenleving.
4. Babyboomcohorte = sloot zich niet
automatisch aan bij de klassieke zuilen. In tegenstelling tot de
massakerkcohorte worden hier de riten, symbolen en godsbegrip wel in vraag
gesteld en aan normen getoetst. In België wordt dit gekenmerkt door een breuklijn tussen
rooms-katholieken en de georganiseerde vrijzinnigheid.
5. Digital-nativescohorte = ontstaan uit
het spanningsveld tussen de massakerkcohorte en babyboomcohorte in een samenleving die religieus pluraal is. Deze cohorte
werd de blauwdruk van de geïndividualiseerde samenleving samen met de opkomst
van de digitale wereld en neemt het individu als uitgangspunt. Ze kiezen zelf
uit het gamma van opvattingen. Dit hangt samen met migratiestromen van mensen die andere
culturele en levensbeschouwelijke gewoonten meenamen.Dit is de jongste cohorte. Er is echter onvoldoende empirisch wetenschappelijk onderzoek naar gedaan. De 21-jarigen die in dit leeronderzoek onderzocht zullen worden behoren tot deze cohorte en daardoor zal dit onderzoek een grote meerwaarde aan de huidige wetenschappelijke kennis bieden.
6. Postseculiere samenlevingscontext: de samenleving is opgebouwd uit deze verschillende cohorten die hun eigen culturele blauwdruk hebben. Er moet rekening gehouden worden met de levensbeschouwelijke plurale samenlevingscontext en de christelijke diversiteit binnen en tussen de cohorten. Levensbeschouwingen hebben een functieverlies, maar geen betekenisverlies geleden. Er moet een (her)kenning zijn van de diversiteit aan vertalingen binnen het personalisme die vertrekken vanuit de blauwdruk van de cohorte waartoe men behoort.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten