De tekst die ik voorlopig heb is de volgende:
Traditie (Vanessa)
Er zijn verschillende problemen met de stereotype
representatie van religies en filosofieën. Zo voelen mensen die tot onbekendere
religies of filosofieën behoren alsof ze zichzelf niet in de beschrijving van
hun geloof kunnen herkennen. Meesten zijn zich echter wel bewust van de vele
variaties binnen de traditie waartoe ze behoren. Wanneer het over onbekendere
tradities gaat is er de neiging om deze variëteit te negeren en om te
generaliseren en stereotyperen. Hierdoor kunnen de gelovige studenten zich
voelen alsof ze niet voldoen aan het ideaalbeeld dat er gepresenteerd wordt. Door
de variëteit in tradities wordt deze complexiteit gereduceerd door te
stereotyperen. Deze stereotypering is interessant om bij het opstellen van de
vragenlijst in het achterhoofd te houden. Zo bestaan er bijvoorbeeld veel
stereotypen over islamieten. Deze stereotypen kunnen sociale wenselijkheid
bevorderen.
Studenten leren over tradities in verschillende situaties en
niet enkel op school. Dit gebeurt voornamelijk in kerken, moskeeën , tempels en
in het gezin. Religieuze geloven hebben een kerndoctrine. Hun teksten zijn in
de voorbije eeuwen blootgesteld aan conflict en onderhandelingen. De cultuur in
dewelke religieuze teksten worden gelezen beïnvloedt de manier waarop ze worden
begrepen en geïnterpreteerd. Klasse, gender, etniciteit, opleiding, aanpak en
ervaring dragen bij tot de manier waarop religies worden uitgedrukt. Door de veranderingen
in de samenleving is het dus belangrijk om ons onderzoek uit te voeren (Berglund, 2014).
Sommige religieuze tradities worden ervaren als behorend bij
de natie. De strijd voor zichtbaarheid van tradities in de publieke ruimte
heeft te maken met de algemeen aanvaarde opvatting over waar en wanneer dit mag
manifesteren, gebaseerd op het publieke leven van religieuze tradities die
worden beschouwd als deel van de natie. Religie wordt ervaren als het
onoverbrugbare gat tussen verschillende stedelijke groepen. Sommige publiek
religieuze vormen en rituelen zijn algemeen aanvaard als deel van de nationale
cultuur. Dit heeft gevolgen voor de perceptie van religie in steden. Migratie
heeft ook een sterke invloed gehad op het religieuze landschap van steden (Oosterbaan, 2014).
De toename in scholingsgraad kan het meeste van de groei in
niet-gelovigen verklaren. Scholing en religie zijn twee dominante instituties
in onze maatschappij. Eén extra jaar opleiding leidt tot een vermindering van 4
percentagepunten in de waarschijnlijkheid dat een individu zich identificeert
met een religieuze traditie volgens een studie van Hungerman. Die studie geeft het
bewijs van de secularisatie (Hungerman, 2014).
Het beheer van religies verwijst naar de manier waarop
moderne liberale staten hebben gereageerd op publieke religies en op de Islam. Het
specifieke probleem rond Moslim minderheden in niet-Moslim seculiere staten kan
gezien worden als een aspect van een meer algemeen probleem van staat en
religie in de moderne samenleving.
Religie is vaak onafscheidbaar van etnische identiteit.
Hierdoor kan het debat over secularisatie en liberalisme niet gescheiden worden
van de vraag over burgerschap in multiculturele samenlevingen. Deze debatten
zijn belangrijk, omdat in samenlevingen die verdeeld zijn in etnisch-culturele
lijnen, burgerschap en religie de hoofdkandidaten zijn om de sociale solidariteit
te geven die we nodig hebben. Ondanks de nood voor respect voor verschillende
religieuze tradities kunnen liberale post-seculiere samenlevingen verhinderd
worden om een expliciet en systematisch beleid te ontwikkelen voor religieus
beheer. Ze zijn meer geneigd om religie te bekijken als een private levensstijlkeuze
(Turner, 2012).
Er kan een cultuur van ongeloof heersen die de privatisering
van religie bevordert. De scheiding van Kerk en Staat wordt vaak gezien als een
scheiding van religie en overheid. Dit wordt soms ervaren als een verantwoording
voor het verminderen van religie in de publieke ruimte. Sommigen zeggen dat de
huidige legale behandeling van religie ongevoelig en verkeerd is (Zimmermann & Weinberger, 2012).
bibliography
Geen opmerkingen:
Een reactie posten